Een goede vriend tipte mij onlangs de roman Travels with Charley: In Search of America van John Steinbeck. Ik las de vertaling van Tineke Funhoff – Reizen met Charley.
Natuurlijk was het een aansporing om samen meer van de wereld te gaan zien.
Vandaag ben ik rond 17:45 bij de crèche.
Verlangen naar iets dat voorlopig buiten bereik is, levert rijkere emoties op. Beschrijven van melancholie en eenzaamheid doen schrijvers veel, maar zelden zo treffend en verrassend als Steinbeck:
De opzichter van het meer was een eenzame man, des te meer omdat hij een vrouw had.
Een pareltje! Een andere fraaie passage uit Reizen met Charley:
Op de een of andere manier heeft de jacht te maken met mannelijkheid, maar ik weet niet precies hoe. Ik weet dat er heel wat goede, efficiënte jagers zijn die weten wat ze doen; maar veel meer jagers zijn te dikke heren, volgegoten met whisky en gewapend met krachtige geweren. Ze schieten op alles wat beweegt of eruitziet alsof het zal gaan bewegen, en het succes waarmee ze elkaar doodschieten zou wel eens een bevolkingsexplosie kunnen voorkomen. Als de slachtoffers beperkt zouden blijven tot hun eigen soort zou het geen probleem zijn, maar de slachting die wordt aangericht onder koeien, varkens, boeren, honden en verkeersborden maakt de herfst tot een gevaarlijk seizoen om in te reizen.
Een boer in het noorden van de staat New York schilderde het woord KOE in grote, zwarte letters op beide flanken van zijn witte herkauwer, maar de jagers schoten haar toch dood. Op het moment dat ik door Wisconsin reed, schoot een jager zijn eigen gids tussen de schouderbladen. De rechter van instructie die deze nimrod ondervroeg zei: ‘Dacht u dat het een hert was?’
‘Ja dat dacht ik meneer.’
‘Maar u wist niet zeker of hij een hert was.’
‘Nee, meneer. Ik denk het niet.’
Met al dat spervuur in Maine was ik natuurlijk bang dat ik gevaar liep. Op de eerste dag werden vier auto’s getroffen, maar ik maakte me voornamelijk zorgen om Charley. Ik weet dat een poedel in de ogen van die jagers heel veel op een hertenbok lijkt, en ik moest een manier vinden om hem te beschermen. In Rocinante lag een doos rode Kleenex die iemand me cadeau had gegeven. Ik omwikkelde Charleys staart met rode Kleenex en bond het vast met elastiekjes. Elke morgen vernieuwde ik zijn vlag en hij droeg hem de hele dag in het westen, terwijl de kogels ons gierend om de oren floten.
Boer of zeeman
Als kind wilde ik boer worden, later zeeman op de grote vaart. Het is allebei niet gelukt. Reizigers heb je in allerlei soorten en maten. Wanneer ben je een reiziger van het type casanova of donjuan?
Wil je daar meer van weten dan is dat een aansporing om mijn nieuwste blog te lezen. Hier is een directe link.


